- Versie
- Downloaden 0
- Bestandsgrootte 211.80 KB
- Aantal bestanden 1
- Datum plaatsing 10 april 2026
- Laatst geüpdatet 10 april 2026
Preek Pinksteren, 24-5-2026
24 mei 2026
Pinksteren
Lezingen: Hand. 2,1-11; Ps. 104; 1 Kor. 12,3b-7.12-13; Joh. 20,19-23 (A-jaar)
Inleiding
Handelingen 2,1-11
Pinksteren is van oorsprong een joods feest. Samen met Pesach (het Paasfeest) en Soekot (het Loofhuttenfeest) was Sjavoeot (het Wekenfeest) één van de drie jaarlijkse pelgrimsfeesten in het oude Israël. Het wordt zeven weken na Pasen gevierd, op de vijftigste dag. ‘Vijftigste’ is pentekostè in het Grieks, en daar komt de naam ‘Pinksteren’ vandaan. Het Wekenfeest was oorspronkelijk het agrarische feest van de tarweoogst; later werd het bovendien de herdenking van het Sinaiverbond en de gave van de Tora. De Tora is geen privébezit van Israël. Ze werd niet in het beloofde land, maar in de woestijn geschonken aan het ‘volk onderweg’, en volgens een rabbijnse legende weerklonk ze in zeventig talen, zodat alle volkeren op aarde haar kunnen verstaan. Lucas heeft daar ongetwijfeld aan gedacht toen hij in zijn ‘tweede boek’, de Handelingen, zijn pinksterverhaal schreef. Hij somt zeventien volkeren en groepen op, die de apostelen allemaal ‘in hun eigen moedertaal’ horen spreken (Hand. 2,8-11). Zeventien is, net als zeventig, samengesteld uit tien en zeven, getallen die volheid uitdrukken.
Lucas heeft dus niet zonder reden de nederdaling van de heilige Geest op de apostelen gesitueerd op de dag van het joodse Pinksterfeest. Het gedruis en het vuur in zijn verhaal (Hand. 2,2-3) herinneren aan het verhaal over het Sinaiverbond (zie Ex. 19,16-20), terwijl de hevige wind verwijst naar de Geest: het Hebreeuwse ruach betekent zowel ‘wind’ als ‘geest.’ Zoals in het joodse Pinksterfeest de gave van de Tora herdacht wordt, zo is dat in het christelijke Pinksterfeest de gave van de Geest, en in het beide gevallen is het een universalistisch feest van volheid en vervulling. Na zevenmaal zeven dagen wordt op de vijftigste dag het Paasfeest voltooid; allen worden ‘vervuld van de heilige Geest’ (Hand. 2,4).
Het meest opvallende resultaat van de werking van de Geest is dat de leerlingen ‘beginnen te spreken’ (Hand. 2,4): zij treden vrijmoedig naar buiten met hun paasboodschap (zie de redevoering van Petrus onmiddellijk volgend op het pinksterverhaal, Hand. 2,14-36). Dit spreken is een ‘spreken in talen’. Elders wordt met die uitdrukking de glossolalie bedoeld, het uiten van onverstaanbare klanken (zie 1 Kor. 14,2; vgl. Hand. 10,46). De woorden van sommige omstanders (‘Ze zijn zich aan zoete wijn te buiten gegaan’, Hand. 2,13, niet meer in de lezing opgenomen) zouden geïnterpreteerd kunnen worden als een spottende reactie daarop. Lucas stelt het verschijnsel hier echter voor als een ‘spreken in vreemde talen’: alle aanwezigen horen hen spreken in hun eigen taal. Zo ontstaat een ‘omgekeerd Babelverhaal.’
In Genesis 11 verstaan de mensen elkaars taal niet meer, waardoor ze verdeeld raken en verspreid worden over de aardbodem. In Handelingen 2 komen vertegenwoordigers van ‘alle volkeren onder de hemel’ (v. 5) in Jeruzalem samen, en hoe verschillend hun moedertaal ook is, allen verstaan het woord dat hier gesproken wordt.
Het Pinksterfeest markeert dus niet alleen een voltooiing, het is ook een nieuwe start. Het is het begin van de christelijke verkondiging. De apostelen worden gezonden, de wereld in: ‘Wanneer de heilige Geest over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en mijn getuigen zijn in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, en tot het uiteinde van de aarde’ (Hand. 1,8). Pinksteren is het geboortefeest van de Kerk.
Zie: H.M.J. Janssen ofm, ‘Petrus de verkondiger’ (Handelingen 1,1–6,7), in: Henk Janssen & Klaas Touwen (red.), Steenrots en struikelblok, Vught 2017, 60-73
Psalm 104
Als antwoordpsalm voor het Pinksterfeest zijn enkele verzen uit Psalm 104 gekozen, en met name vers 30: ‘Zendt Gij uw geest, dan komt er weer leven, dan maakt Gij uw schepping weer nieuw.’ Psalm 104 is een loflied op Gods grootheid en wijsheid, zoals die tot uiting komen in de schepping. De verzen 29-31 brengen tot uitdrukking, dat al het geschapene afhankelijk is van de Schepper, in leven en in dood. De ‘levensgeest’ of ‘levensadem’ (ruach in het Hebreeuws) komt van God en wordt blijvend door Hem geschonken. Als Hij die weg zou nemen, zou alle leven omkomen. Schenkt Hij die, dan komt er weer leven. Gods levenwekkende Geest is een vernieuwende kracht.
1 Korintiërs 12,3b-7.12-13
In de hoofdstukken 12–14 van zijn eerste brief aan de Korintiërs handelt Paulus over de charisma’s of gaven van de Geest: de gaven van wijsheid, kennis en geloof; de gave om zieken te genezen of om wonderen te doen; de gave van de profetie, enz. De Korintiërs hechtten erg veel waarde aan sommige van die charisma’s. Paulus begint met te onderstrepen dat deze bonte veelheid van genadegaven het werk is van één Geest: men mag dus geen onderscheid maken tussen de mensen op grond van een of ander charisma. Eén God brengt alles in allen tot stand, en welke bijzondere gave iemand ook heeft, het gaat erom dat Jezus als de enige Heer beleden wordt. In de verzen 8-11 (niet opgenomen in de lezing) geeft Paulus dan een opsomming van de charisma’s, en welbewust zet hij daarbij het door de Korintiërs zo hooggeschatte ‘spreken in tongen’ (glossolalie, het uiten van onverstaanbare klanken) op de laatste plaats. Hij zal in hoofdstuk 14 nader ingaan op de eigen problematiek hiervan. Vanaf vers 12 past Paulus de klassieke vergelijking van het menselijk lichaam toe op de christelijke gemeenschap: alle charisma’s moeten samenwerken als de ledematen en organen van het éne lichaam van Christus.
Zie: H.M.J. Janssen ofm, ‘1 Korintiërs. De apostel Paulus, een bewogen apostel’ in: Henk Janssen & Klaas Touwen (red.), Paulus zelf, Vught 2014, 20162, 41-56
Johannes 20,19-23
Deze lezing verhaalt de verschijning van Jezus aan zijn leerlingen, in de avond van de ‘eerste dag van de week’, de zondag van zijn verrijzenis. Jezus maakt zich bekend door de littekens in zijn handen en zijde te tonen: daardoor wordt uitdrukkelijk de band gelegd met zijn lijden en dood. De Verrezene is niemand anders dan de gekruisigde. Hij begroet zijn leerlingen met de gewone vredewens, die hier echter een theologische diepte krijgt, net als de vreugde van de leerlingen. De littekens van Jezus’ wonden verwijzen naar zijn liefde tot het uiterste. Zo worden in dit verhaal de eerste drie ‘vruchten van de Geest’ volgens Galaten 5,22 zichtbaar: liefde, vreugde, vrede. De leerlingen worden gezonden en krijgen de macht zonden te vergeven of niet te vergeven. Dit betekent dat hun zending, net als die van Jezus, de mensen oproept tot een beslissing: wie gelooft wordt niet geoordeeld, maar vindt vergeving van zonden en eeuwig leven; wie zich in ongeloof opsluit, wordt geoordeeld en veroordeelt eigenlijk zichzelf (vgl. Joh. 3,18-19; 11,25; 16,8-11).
In het verhaal lezen we dat Jezus aan zijn leerlingen de heilige Geest schenkt door over hen te blazen. Gods Geest komt immers tot uiting in de levensadem, die door God aan elk levend wezen werd meegedeeld (zie de antwoordpsalm, Ps. 104). Anders dan Lucas, die de gebeurtenissen na Jezus’ lijden en dood spreidt over een periode van vijftig dagen (Jezus’ hemelvaart op de veertigste dag; de gave van de Geest op de vijftigste dag), concentreert de vierde evangelist alles in één moment. Bij Johannes is de kruisdood van Jezus tevens het moment van zijn verheerlijking (zie Joh. 12,23; 13,31-32; 17,1); op het moment dat Jezus sterft aan het kruis, ‘geeft Hij de geest/Geest’ (Joh. 19,30). Ook in deze evangelielezing van het Pinksterfeest vormen Goede Vrijdag (de littekens van Jezus’ wonden), Pasen (de verschijning van de Verrezene) en Pinksteren (de gave van de Geest en de zending van de leerlingen) samen één geheel.
Preekvoorbeeld
Inleiding
Vrede voor u, goed dat u gekomen bent op dit feest van Pinksteren, de verjaardag van de kerk. We mogen met vuur van gebeden en gloedvolle liederen bevestigen dat ondanks alle ellende, mensen elkaar kunnen verstaan en dat Gods Geest kracht geeft om het goede te doen.
Overweging
‘Kom Geest van God, zet ons in beweging, kom troost voor arme mensen, hier en nu.’
Vandaag roepen we intenser dan anders om de Geest van God.
Het is Pinksteren!
Oorspronkelijk een joods feest, de vijftigste dag na Pesach, het feest waarop herdacht wordt hoe Mozes op de berg Sinai de Tora van God ontving, de tien woorden om mee te leven.
Er was toen donder en vuur op die berg, net zoals volgens Lucas er gedruis was en wind en vuur toen de Heilige Geest over de leerlingen kwam.
Op ieder van hen kwam iets dat op vuur leek. Op ieder van hen, dat betekent dat de Geest aan ieder gegeven wordt, aan ieder mens, zoals hij is, met zijn eigen talenten en mogelijkheden of beperkingen. En dan gebeurt er een wonder.
Vanwege het feest in Jeruzalem op die vijftigste dag na Pasen waren er uit ieder volk op aarde mensen aanwezig. Ieder hoorde in zijn eigen moerstaal de leerlingen spreken over Gods grote daden! Voor ieder mens is er een goed woord, een uitnodiging om ten goede te keren. Een goed woord voor Russen en Amerikanen, voor opgejaagde vluchtelingen en militairen, mensen van welke gender dan ook. Op dit Pinksterfeest kan het gebeuren dat we elkaar verstaan! Niet alleen verstaan in de Nederlandse taal, maar ook elkaar verstaan met ons hart. Door een geestkracht die ons vervult bij het zingen hier vanuit ons hart, door het samen bidden vanuit ons hart! Het kan hier gebeuren dat we ons aangesproken voelen door de kracht van Gods Geest om elkaar genadig te zijn.
We lazen uit het evangelie, het goede woord, de blijde boodschap van vandaag.
Een krachtig beeld: Midden tussen de bange en onzekere leerlingen komt Jezus binnen. Vrede voor jullie! Hij blaast over hen. Ontvang heilige Geest! Zo blies God de eerste mens uit klei gemaakt, de levensadem in. Zo blies Jezus op Pinksteren zijn leerlingen moed en kracht in.
Zo mogen wij hier en nu elkaar geest inblazen. Ontvang hier Heilige Geest!
In deze viering kun je geraakt worden door Gods geest. Het is niet zeker dat de vonk overkomt, maar de kracht die in jou is kan aangeraakt worden.
Jezus liet zich raken door een doofstomme man. Hij neemt hem apart, concentreert zich intens, zucht dan diep, als om de kracht in Hemzelf naar boven te halen, raakt de man aan. Dan breekt de geestkracht van die mens naar buiten, hij kan weer vrijuit spreken. Een pinksterverhaal in het klein.
Wat raakt jou echt?
Word je geraakt door de ogen van iemand of door het levensverhaal dat jou wordt toevertrouwd? Ben je snel ontroerd of ben je meer koel?
(hier kun je vertellen hoe jijzelf werd geraakt door de inzet van mensen.)
Je kunt ook op een andere manier de kracht van Gods Geest voelen. Voel jij die kracht als je na een moeilijke tijd je rug recht, je hoofd omhoog heft? Of voel je die geestkracht als jij een klik hebt met een ander mens.
Lukt het jou om betrokken te raken bij mensen? Bij mensen die we goed kennen en van wie we houden, is dat niet zo moeilijk. Lastiger wordt het wanneer we in contact komen met vreemden. Wanneer we een zwerver tegen het lijf lopen, of als je nieuwe buren krijgt uit een vreemd land. Of wanneer we op de televisie de wanhoop zien van moeders en kinderen, die zoeken naar eten en drinken. Volgens Jezus kunnen we juist in deze kwetsbare mensen Gods geest herkennen.
Lieve mensen, vandaag kunnen we ons openen voor de kracht, die onze harten opent om elkaar tot zegen te zijn. Kracht om een weg te vinden naar een menswaardige en vreedzame samenleving, waarin iedereen mee kan doen.
Die kracht van Gods geest maakt steeds weer een nieuw begin. Zoals in de vredeswerkers in het vluchtelingenkamp op de Westelijke Jordaanoever, die blijven zoeken naar een dialoog tussen Joden en Palestijnen.
Zoals in de jonge en oude mensen uit ons midden, die naar de plekken gaan waar mensen in diepe armoede leven. Ze zijn geraakt door de nood, ze proberen te helpen door mensen te leren vertrouwen op eigen kracht! Precies in deze Pinkstertijd vraagt de organisatie voor Nederlandse Missionarissen om steun voor mannen en vrouwen die zich vanuit hun geloof inzetten voor het welzijn en de toekomst van mensen elders in de wereld (concrete voorbeelden in de folder).
Vandaag kunnen wij laten zien dat we ons verbonden voelen met deze werkers en vooral ook met mensen die een steuntje in de rug nodig hebben. Door ons gebed, onze morele steun en ons geld kunnen we steun geven.
Pinksteren. Ontvang heilige Geest! Een Goddelijke kracht, die ons uitdaagt en kracht geeft om te leven naar Gods Geest, open voor elkaar, die ons uitdaagt om uitsluiting om te vormen tot samenleven. Laat de Geest maar binnenkomen en we zullen nieuwe mensen worden in een open wereld.
inleiding dr. Paul Kevers
preekvoorbeeld drs. Paulus van Mansfeld
Ontleend aan ‘de mystieke molen’, sculptuur basiliek Sainte-Marie-Madeleine,